Body & Workout

Te veel sets in één training zit je spiergroei in de weg

· 6 min leestijd

Je leest het overal in de sportschool: verdeel je trainingsvolume liever over meerdere korte sessies dan dat je alles in één lange legday propt. Klinkt logisch, want in een uitgeruste staat til je zwaarder en haal je meer herhalingen. Maar nieuw onderzoek zet daar een kanttekening bij die de meeste lifters missen.

Een studie onder ervaren krachtsporters vergeleek twee groepen die exact hetzelfde gewicht en aantal sets deden voor hun beentraining. De ene groep deed alles in één sessie, de andere verdeelde dezelfde belasting over drie momenten in de week. Wie zijn sets uitsmeerde, voerde uiteindelijk meer herhalingen uit, simpelweg omdat je bij een uitgeruste spier meer reps uit een set haalt dan wanneer je net twee zware sets achter de rug hebt. Toch leidde dat hogere aantal herhalingen niet aantoonbaar tot meer spiergroei of kracht.

Waarom meer herhalingen niet automatisch meer spiergroei betekent

Het probleem zit in wat onderzoekers volume-equated noemen: als je écht wilt weten of frequentie zelf iets doet, moet je het totale trainingsvolume gelijk houden tussen groepen. In deze studie was dat lastig, want de groep met drie sessies deed uiteindelijk meer totale arbeid door de extra herhalingen. Daardoor kun je niet hardmaken of een eventueel verschil komt door de frequentie, het hogere volume, de betere kwaliteit per set, of gewoon de extra trainingsmomenten zelf.

Een grote meta-analyse van Brad Schoenfeld en collega's, gepubliceerd op PubMed, onderzocht dit al eerder op een manier waarbij het volume wél gelijk werd gehouden. De conclusie was helder: zodra je het trainingsvolume constant houdt, maakt het voor spiergroei nauwelijks uit of je een spiergroep één, twee of drie keer per week traint. De frequentie zelf is dan geen doorslaggevende factor. Wat wel telt, is hoeveel harde sets je in totaal per week haalt.

Waar de grens ligt voor één training

Dat betekent niet dat je legday zonder gevolgen tien of vijftien sets voor je quadriceps in één sessie kan verwerken. Er lijkt een plafond te zitten aan hoeveel prikkel een spier in één keer effectief kan verwerken, ruwweg rond de zes tot acht zware sets per spiergroep bij langere rust tussen de sets. Ga je daaroverheen, dan zorgt vermoeidheid ervoor dat latere sets minder kwaliteit leveren en minder bijdragen aan spiergroei. Precies dan wordt verspreiden wél zinvol: niet omdat frequentie op zich magisch is, maar omdat je zo per set fitter aan de start verschijnt.

Voor kracht ligt het net iets anders. Bij technisch complexe oefeningen zoals de squat en de deadlift lijkt een hogere frequentie soms een klein extra voordeel te geven, waarschijnlijk omdat je vaker oefent met de beweging zelf. Dat verschil is bescheiden, maar wel consistenter terug te zien dan bij pure spiergroei.

Benieuwd hoeveel training per week eigenlijk genoeg is om resultaat te zien? Daar lees je meer over in ons artikel over de ideale hoeveelheid krachttraining per week.

Wanneer één legday prima werkt

Doe je bijvoorbeeld vier tot acht sets voor je benen in een training en voel je dat je kwaliteit overeind blijft tot de laatste set, dan is er geen dwingende reden om die training op te knippen. Je hoeft geen extra trainingsdag te forceren als je agenda daar geen ruimte voor heeft. Sterker nog, uit ander onderzoek blijkt dat je met minder trainingsmomenten al een groot deel van de mogelijke winst pakt, zolang de kwaliteit van elke set hoog blijft. Wil je weten hoeveel sets echt nodig zijn voordat extra werk geen zin meer heeft, lees dan ons artikel over sets die weinig toevoegen aan je spiergroei.

Train je juist met veel volume voor een spiergroep, bijvoorbeeld omdat je bewust op hypertrofie focust met twaalf of meer sets per week voor je benen, dan is verspreiden over twee of drie momenten wel te overwegen. Je voorkomt dan dat de laatste sets van je training nauwelijks nog effectief zijn doordat je vermoeidheid te hoog oploopt.

Hoe je dit praktisch toepast

Kijk eerst naar je eigen trainingsschema. Doe je nu één keer per week een legday met acht sets squats, acht sets voor je hamstrings en nog wat extra werk voor kuiten, dan zit je waarschijnlijk al over dat plafond van zes tot acht sets per spiergroep in één sessie. In dat geval kan het verstandig zijn om bijvoorbeeld je quadriceps-werk op maandag te doen en je hamstrings en kuiten op donderdag, zodat je op beide dagen fris aan een kleiner blok begint.

Zit je onder die grens, dan hoef je niets te veranderen. Meer trainingsmomenten toevoegen aan je week levert dan vooral extra reistijd naar de sportschool op, niet per se extra spiergroei. Belangrijker dan de verdeling is dat je elke set met genoeg intensiteit uitvoert. Voor voeding rond je training speelt eiwitinname trouwens een grotere rol dan het exacte trainingsmoment, zoals ook het Voedingscentrum aangeeft over eiwitverdeling bij krachttraining.

Twijfel je of je herstel wel voldoende is tussen je trainingen door, dan is dat een apart aandachtspunt. Lees daarvoor ons artikel over wat stress met je spierherstel doet, want een volle agenda met veel losse trainingsmomenten kan je herstel juist meer onder druk zetten dan één geconcentreerde sessie.

Wat dit betekent voor jouw schema

De kern is simpel: niet de vraag "één keer of drie keer trainen" bepaalt je vooruitgang, maar hoeveel effectieve, zware sets je per spiergroep per week haalt en of je die kwalitatief kan uitvoeren. Zit je onder de zes tot acht sets per sessie, verander dan niets aan je schema puur omdat je een trend op social media voorbij zag komen. Zit je daarboven en merk je dat je laatste sets duidelijk minder kwaliteit hebben, dan is opsplitsen over de week een logische volgende stap. Kijk naar je eigen sets, niet naar wat de gemiddelde influencer als ideale frequentie noemt.

T
Geschreven door Twan Hermans Fitness & health redacteur

Twan is sportfysiotherapeut die zijn praktijkervaring combineert met een schrijftalent dat hij pas op zijn dertigste ontdekte toen hij uit frustratie een blog begon over slechte trainingsadviezen op social media. Hij schrijft over training, blessurepreventie en hoe je als gewone Nederlander fit kunt worden zonder elke ochtend om vijf uur op te staan of je hele sociale leven op te geven. Hij test alles zelf uit, inclusief de pijnlijke fases, en deelt de resultaten met een eerlijkheid die personal trainers op Instagram nerveus maakt. Zijn meest gelezen artikel gaat over waarom je die ene oefening die je op TikTok zag waarschijnlijk verkeerd doet, en dat stuk leverde hem zowel fans als boze reacties op. In het weekend speelt hij voetbal bij een amateurclub waar hij ook de onofficiële clubfysiotherapeut is, onbetaald maar onmisbaar.